2005/2006 BENIN

2005/2006 BENIN

DAG 1 – COTONOU

‘Mensen voor Check-in 13 en 14 achteraan sluiten in de rij’, krijg je te horen, maar als je langs die rij loopt blijkt die buiten de vertrekhal, halverwege de gang te eindigen. De dag voor kerst op Schiphol, stampvol met mensen op de vlucht voor de pseudo-gezelligheid in Nederland. Maar zo’n rij doet je de moed in de schoenen zakken. Maar zie, ook hier geschied het kerstwonder, binnen een half uur staan we aan de balie en leveren soepeltjes onze rugzakken in.
In Parijs nog even lange afstand wandelen in het gangenstelsel van Charles de Gaulle en dan door naar Cotonou. Het is duidelijk geen toeristenbestemming want wij steken bleek af in het vliegtuig.
Op het vliegveld worden we opgewacht door een man met een bordje. Van het hotel dat we gereserveerd dachten te hebben maar hij brengt ons naar een ander. Wij willen naar het door ons gereserveerde hotel maar de manager weet zeker dat we snel terug zullen zijn. “Ons” hotel De La Plage blijkt namelijk uitgestorven en volkomen donker. Dus terug naar de tevreden kijkende manager. Dit hotel, Croix de Sud, is verder prima maar zit ver uit het centrum. Morgen proberen we toch een ander. De manager wil ons nog naar de kerstdisco lokken maar na een hele dag reizen kunnen wij alleen dromen van het bed.

DAG 2 – COTONOU

Met veel verontschuldigingen leggen we in het hotel uit dat ze echt wel goed zijn maar te ver van het centrum liggen. We danken ze voor hun inspanningen maar vertrekken snel naar Hotel du Lac. Het “Lac” is niet helemaal brandschoon maar we hebben toch een uitzicht, inclusief brug, stad en zee. Ook bij dit hotel een flink uit de kluiten gewassen zwembad, maar de kamers zijn hier een stuk mooier en het hotel een stuk gezelliger.
We wandelen over de brug de stad in richting Grande Marché du Dantokpa, een langgerekte markt die zich over vele straten uitstrekt. De prachtige Afrikaanse stoffen worden vandaag afgewisseld met af en toe bonte kerstversieringen. Sommige verkoopsters hebben zichzelf ook versierd door glimmend kerstpapier om het hoofd te draperen. Kleine meisjes hebben een speciale kappersbehandeling gekregen met rode lokken en veel staartjes. Veel winkels zitten dicht vandaag evenals een reisbureautje. Er is dus nog niet veel te organiseren.

Dus vieren we ’s middags kerst aan het zwembad. Er zijn vrijwel geen andere toeristen, alleen wat hier wonende Arabieren komen zwemmen. Ook het kerstdiner wordt geen uitbundig feest met veel mensen. Vier tafeltjes bezet. We eten wel lekker buiten en het eten is voor Afrikaanse begrippen super.

DAG 3 – COTONOU

Gisteren, op zondag en kerst, was het rustig op straat, vandaag is het in Cotonou een drukte van belang. Oversteken is een hachelijke onderneming. We gaan op zoek naar reisbureautjes om ons wat te oriënteren. Bij de eerste moeten we eerst wachten tot mevrouw de medewerkster klaar is met haar spelletje backgammon op de computer. Daarna krijgen we mondjesmaat wat informatie terwijl zij met een schuin oog haar spelletje in de gaten blijft houden. Om door te kunnen blijven spelen denkt ze voor ons aan 180 dollar per dag, exclusief benzine. Wij dachten het niet. Bij een tweede bureautje is er wel een super actieve medewerker die van alles voor ons uit wil zoeken. Hier lijkt de prijs de richting van 100 dollar op te gaan maar als hij aan het eind van de dag belt is ook bij hem de prijs omhoog geschoten. Het goedkope alternatief om gewoon met de bus naar het noorden te reizen is dus het meest voor de hand liggend.
’s Middags een verfrissende duik in het met kinderen afgeladen zwembad. Daarna op het terras aan het meer een lekkere pizza. Naast ons een kettingrokende Duitser die zich heeft aangewend geen woord te wisselen met zijn vrouw en zoon. Met een ander onguur type heeft hij wel gespreksstof. We vangen de woorden Kabul, Afghanistan, Israël en Iran op waardoor deze Duitser voor ons nu ‘de wapenhandelaar’ heet.

DAG 4 – COTONOU

Informatie los krijgen over vervoersmogelijkheden is een crime. Op onze vraag hoe we naar het noorden kunnen komen krijgen we iedere keer een ander antwoord. We gaan zelf maar op onderzoek uit. Een taxi krijgen is lastig. Als dat aan de andere kant van de brug eindelijk gelukt is begint de zoektocht door Cotonou. Eerst naar Africalines, dat niet meer blijkt te bestaan, dan naar Air France voor het adres van Comfort Lines, dat wel bestaat maar waar? Met een fotokopietje van een Air France medewerker rijden we weer een half uur voordat we eindelijk Comfort Lines vinden. We kopen maar meteen een ticket voor Natitingou, in één keer het hele land door. Aansluitend doen we maar meteen inkopen voor de busreis van morgen en dan wacht ons het eerste uitstapje, zowaar georganiseerd door het hotel zelf. Met de boot en nog tien toeristen helemaal via het water naar de paalwoningen van het vermaarde Ganvié. Een volledig drijvende gemeenschap op en om het water.

Druk verkeer in de smalle waterwegen tussen de huizen op palen en de kinderen doen flink hun best pennen of snoep los te krijgen. De volwassenen lijken niet helemaal zeker te weten of ze wel of niet blij moeten zijn met onze visite. Sommige vrouwen dragen grote strohoeden die ze goed kunnen positioneren als ze niet op de foto willen.

Terug in de buurt van Cotonou nemen de vuilnisbelten langs het meer weer toe en we zien dat er zelfs mensen op de pijlers onder de brug leven.

’s Avonds eindelijk wat leven in de brouwerij in het restaurant. Veel meer gasten. We eten samen met een ouder Canadees echtpaar van Nederlandse origine dat de hele wereld over gezworven is. Van Nederland naar Australië, van Zuid-Afrika naar Argentinië en van Korea naar Canada. We kunnen dus internationale adresjes uitwisselen over goede winkels in Dakar en Nederlandse hoteleigenaars in Lhasa. Zij gaan met een truck door West-Afrika reizen (zie ons avontuur uit 1994), wij mogen naar noord Benin met de bus.

DAG 5 – NATITINGOU

In het donker naar het radiostation aan de Etoile Rouge (Rotonde Rode Ster) en zowaar blijkt het een verzamelplek voor busreizigers. Om 7 uur arriveert de bus en gaan we op weg. Mijn vrouw vergeet met haar slaperige kop waar ze de kaartjes heeft gelaten en wil de arme controleur doen geloven dat ze hem de kaartjes bij binnenkomst heeft gegeven om na een uur beschaamd te ontdekken dat ze in het extra zakje van haar broek zaten.
De bus heeft er goed de vaart in en het is verbazingwekkend, maar de wegen worden met het uur beter. Verder is er weinig oponthoud dus we komen al om 15.30 aan in Natitingou. Een uur eerder dan gedacht. Alleen bij hotel Tata Somba wacht de teleurstelling. Ze zitten vol. Wij moeten door de velden naar een dependance, die bij nader inzien ook wel gezellig is.

Bij Tata kunnen we wel meteen voor morgen ons tripje naar Penjari regelen, met één overnachting daar. En als we terugkomen is er wel een kamer beschikbaar. Helemaal goed dus.
’s Avonds moeten we in het pikdonker via het achterland het restaurant zien te bereiken en na een heerlijke maaltijd ook nog weer terug. Niet echt fijn.

DAG 6 – PENJARI

Om zes uur wordt er aan de poort gerammeld en staat de Toyota 4WD voor. Eerst nog een stuk rijden richting Burkina over wederom een prima weg voor we het Nationale Park Penjari induiken. Nog geen half uur onderweg, rijden we bijna langs onze eerste olifant, een aftandse oude eenling met gehavende oren en één slagtand. Geen vriendelijke jongen zo te zien.

Daarna zien we wat antilopen, een buffel, wrattenzwijnen, kroko’s en hippo’s. Niet in de overweldigende aantallen als in Tanzania, maar toch.
We overnachten in een geweldig kampement midden in het park. Tussen de middag houden we een siësta om bij te komen van het vroege opstaan en daarna maken we een tweede rit met als bonus, net voordat het donker wordt, 2 x 2 leeuwen languit in het gras. Ik klim bovenop de auto om het beter te zien maar twijfel al snel omdat de leeuw mij ook zeer goed lijkt te zien.
’s Avonds na een heerlijke maaltijd in de jungle weer op tijd naar bed want morgen gaan we nog een rit door het park maken.

DAG 7 – PENJARI

Voor vertrek in mijn beste Frans nog even mijn best doen om iets van de rekening af te krijgen want ze hebben onze sandwiches van gistermiddag als volledige lunch op de rekening gezet (12 euro). Met mijn altijd vriendelijke glimlach wacht ik rustig tot ze er eindelijk toe overgaan het bedrag te halveren, nog steeds goed betaald voor twee stokbroodjes ham en kaas.
Dan het park in waar we geluksvogels blijken, want nu stuiten we op een mannetjesleeuw die het vrouwtje al op haar rug voor zich heeft klaar liggen. Die zijn duidelijk wat van plan.
Als er nog een auto stopt, met iemand bovenop het dak doet de leeuw een korte schijnaanval die genoeg is om de man als een raket in de auto te doen verdwijnen.
Een half uur genieten we van het luie liefdespaar dat er overduidelijk de hele dag voor gaat uittrekken. Verder in het park voegen we nog kraanvogels en een visarend aan ons lijstje toe.
Na een lunch bij een niet zo bijzondere waterval rijden we vlak bij Natitingou naar de “Tata Somba’s”. De lemen hoogbouw (3 verdiepingen) van de Betamaribé. Bij hun verwanten in Togo zagen we ooit dezelfde soort bouwwerken. Ook hier komt de dame met de hoorns ons tegemoet.

Van buiten zijn er patronen in de leem gemaakt die precies lijken op de littekens die de meeste mensen ook in hun gezicht hebben, al op jonge leeftijd er in gekerfd. Op de begane grond huizen de beesten, er boven is de keuken en op het dak ingangen naar de torentjes die als slaapkamer dienen, een voor de mannen, een voor de vrouwen en de kinderen. In een ander torentje liggen de geoogste voorraden en op het dakterras ligt van alles te drogen.

We kopen twee leuke pijpjes met gesneden dierenkoppen van de dame met de hoorns, leren wat begroetingen in hun taal en daarna vertrekken we naar een andere “Tata” die slechts twee verdiepingen heeft. Maar hier huist de medicijnman wat te zien is aan de vreemde collectie van kruiden, batterijen, drankflessen en andere snuisterijen.

Terug in Natitingou nemen we afscheid van Akim met de belofte hem een foto van de leeuwen te sturen. Want uit alles blijkt, ook als we met de mensen van het hotel spreken, dat we uitzonderlijk geluk hebben gehad. Niemand lijkt ooit leeuwen te hebben gezien.
Na het eten gaan we vol goede moed uit, een concert in de bioscoop. Het moet om 21.00 beginnen maar om 22.00 zit er nog maar één man en een paardenkop in de zaal en er is geen band te zien. We wachten het niet langer af want vervoer is hier ook niet direct eenvoudig (geen taxi’s maar alleen een plek achter op een brommer). Dus met de brommertaxi onverrichte zake terug.

DAG 8 – NATITINGOU

In de ochtend brengen we een bezoek aan het museum waar voorwerpen liggen uitgestald van het ‘Somba’ volk uit de omgeving. Het mooiste zijn echter de foto’s uit het begin van de vorige eeuw waarop vrijwel naakte mensen, op een touwtje of een peniskokertje na, te zien zijn. Of foto’s van de chiefs in vol ornaat. Er staan ook mooie maquettes waar te zien is dat er ook nog zo’n 4 à 5 verschillende types Somba forten zijn.
We snuffelen ook wat winkels af waar ze maskers en beelden verkopen en bepalen alvast wat er vanavond verworven gaat worden.
De middag gebruiken we om wat te luieren aan de rand van het zwembad en mijn vrouw veroorzaakt nog een kleine crisis in het hotel als ze 2 eerder gekochte kaarten (die uit Ivoorkust blijken te zijn) wil ruilen en daarbij onheus bejegend wordt. Alsof ze de kaarten gestolen heeft. De ontploffing laat niet lang op zich wachten en achter elkaar aan komen ze daarna van hoog tot laag hun excuses aanbieden.
Aan het eind van de middag kopen we een kleurrijk masker dat uit Benin zelf komt en we weten de prijs van 45 naar 26 euro te krijgen en daar is iedereen blij mee. Tickets voor de bus maandag regelen we ook maar meteen even.

En dan is het tijd voor de oudejaarsavond. We wachten tot 9 uur in de hoop op meer gasten in het restaurant maar erg vlotten wil het niet. En dan is er nog alleen het vaste menu van 27 euro p.p. en daar hebben we helemaal geen zin in. Maar als we ons heil ergens anders willen zoeken blijkt alleen een hoofdgerecht en een toetje voor 9 euro ook bespreekbaar. Ze willen dolgraag wat gasten. Gelukkig zijn er uiteindelijk 5 tafels bezet en wordt het toch nog gezellig. Om middernacht zijn er hoedjes en maskertjes, er is taart en een diskjockey en zo swingen we vrolijk 2006 binnen. Ondertussen trekken onze exclusieve filmbeelden van de leeuwen in Penjari veel bekijks.
We kunnen nog verder feesten door met een serveerster mee te gaan maar dat is allemaal te vaag in donker Natitingou, waar geen taxi’s rijden en het brommertransport op oudejaarsavond ook niet zeker is. Vlak bij het hotel horen we wel swingende geluiden en we besluiten daar maar eens op af te gaan. Heftige drums, in wit geklede mannen en vrouwen, de laatsten met witte koksmuts, zijn extatisch aan het dansen en zingen. We mogen meedoen, mannen rechts, vrouwen links en de schoenen uit. We zijn terechtgekomen in de Eglise Christianisme Celeste, een ooit door een Nigeriaan opgerichte kerk die het zoekt in engelen en het vechten tegen kwade geesten. Jezus kijkt vanaf de muur goedkeurend toe en anders zijn er nog altijd de ‘zieners’ in deze mix tussen Afrikaans en christelijke tradities. Swingen doet het wel. Dat moet een goed begin van 2006 zijn.

DAG 9 – NATITINGOU

Vandaag komen we bij van de festiviteiten van gisteravond door ons te verpozen aan de rand van het zwembad. Bij de halterbank kan ik de spierbundels nog wat op peil brengen om daarna af te koelen in het water.

Aan het eind van de middag wandelen we door Natitingou waar iedereen aan het paraderen is in de feestkleding. Prachtige kleurrijke pakken. En ze willen er graag mee op de foto dus dat komt mooi uit. Een soort dansende sinterklazen met plastic poppen op hun hoofd schuimen de straten af om geld te verzamelen, het lijkt een soort jaarlijks gebruik.

We eten op tijd waarna we de uitstaande rekeningen vereffenen en dan op tijd naar bed want morgen vangt het gewone reizigersleven weer aan met een vroege busrit.

DAG 10 – ABOMEY

De bestelde brommers zijn in geen velden of wegen te bekennen dus lopen we een heel stuk met onze rugzakken in een poging ergens transport te vinden om 6.30 in de ochtend. Pas om 5 voor 7 hebben we een taxi te pakken die ons naar de bus wil brengen. Die vertrekt gelukkig niet stipt om 7 uur dus komt het allemaal toch nog goed. Met een flinke snelheid tuffen we zuidwaarts en om 1 uur kunnen we in Bohicon overstappen in een taxi die ons naar Abomey brengt. Daar vinden we in Motel d’Abomey een aardige, ietwat verlopen suite met grote blauwe fauteuils, een koelkastje en een TV met twee zenders. Na elven drie want dan start het erotische programma. We zijn benieuwd.

Aan het eind van de middag wandelen we richting datgene wat voor het centrum moet doorgaan en bij een goor achteraf hotelletje boeken we een trip voor morgen, aanbevolen in de Lonely Planet. Met deze afspraak hopen we de gids van ons hotel te omzeilen die ons voor heel veel geld ook wel wil rondrijden.
’s Avonds is er niet veel anders te doen dan onze maaltijd naar binnen werken en op tijd naar bed te gaan.

DAG 11 – ABOMEY

Al vroeg staan de brommerboys voor de deur en met nog twee toeristen gaan we met de bekende Mr. ‘La Lutta’ op pad. Hij heeft prachtige verhalen en af en toe zelfs gezangen waarbij de andere chauffeurs geacht worden mee te doen. Hij voert ons langs ooit gegraven grachten en stukken muur die ooit deel uitmaakten van de omheining van het paleis van het grote rijk van Dahomey.

De verhalen zijn doortrokken met voodoo invloeden die soms wel heel erg lijken op de Bijbelse verhalen, zonen die als baby al kunnen praten, sprinkhanenplagen en profetieën over oorlogen en alles verzengende branden. Verstrooid in het landschap liggen constructies met voodoo muren met allerlei afbeeldingen.

Betreden mag niet want dan komen er allerlei verschrikkelijke voorspellingen uit. Verder staan er fetisjen waar geofferd kan worden of hulp gevraagd. De vruchtbaarheid schenkende penis van één fetisj is volgens de verhalen door een westerse toerist gestolen.

De mooiste beeldengroep staat bij het dorp van de smeden. Een motorrijder, een toerist met fototoestel, een kleurentelevisie, alles samengesteld uit afval. Het kan zo in een museum voor moderne kunst.
We eindigen op de fetisjmarkt waar de hulpzoekenden ingrediënten kunnen inslaan om, via de nette weg via de voodoo priester, of via de agressieve, zwarte magie bedrijvende fetisj priester, hun wensen kunnen proberen te vervullen. Men neme daarvoor hondenkoppen, apenschedels, gedroogde kameleons, allerhande vogels of wat egels. Met de bijpassende bezweringen en waarzeggerij moet dat dan tot het gewenste resultaat leiden.

Na deze geweldige ronde valt het officiële museum wat tegen. We worden er in een sneltreinvaart doorheen geloodst en foto’s maken is verboden. Mooiste items zijn de troon op 4 schedels en de vliegenmepper, eens schedel met een paardenstaart erop waarmee de koning de insecten van zich af kon houden.
De vakantietijd in Benin is ook ten einde gekomen want op straat wemelt het van de scholieren in kaki schooluniformen. Voor hun is 2006 echt begonnen. Wij hebben nog anderhalve week.
In een volledig uitgestorven eetzaal nuttigen wij de avondmaaltijd om ons dan in het ook volledig uitgestorven bungalowpark ten rustte te leggen. Morgen wacht het drukke Cotonou.

DAG 12 – COTONOU

Met een brommer naar de taxi en daar kunnen we zo instappen als we 15000 CFA (€ 22,50) willen betalen. Dat willen we best voor de luxe om al tegen elf uur in Cotonou te zijn. We arrangeren de man meteen voor morgen.
In Cotonou handelen we onze bankzaken snel af, slaan wat proviand in voor de lunch en daarna kunnen we de hele middag aan het zwembad bijkomen van de ‘vermoeienissen’ van het eerste deel van de reis. Met het super diner van Hotel du Lac is het helemaal af.
We sturen via de e-mail nog wat nieuwjaarswensen de wijde wereld in en dan gaan we morgen richting het strand van Benin. Kijken of dat wat voorstelt.

DAG 13 – GRAND POPO

Onze taxichauffeur die speciaal uit Abomey komt om ons naar Grand Popo te vervoeren is er niet om 10 uur dus we beginnen te twijfelen of hij wel komt. We kunnen niet inschatten of de deal die we gisteren met hem gemaakt hebben financieel aantrekkelijk genoeg voor hem is maar om kwart over tien rijdt het antwoord voor. En zo rijden we de drukke stad weer uit naar hét strand van Benin; Grand Popo.
Het hotel ligt op een prachtige locatie aan zee, met een grote veranda. Maar elk voordeel heeft zijn nadeel, geen gaas voor deuren en ramen en geen airco. En van de muskietennetten hier wordt een mug ook niet zenuwachtig. Maar eerst genieten van de zee, die hier een enorm verschil maakt tussen eb en vloed. We moeten echt een bergje af om bij de waterlijn te komen. Het water is heerlijk en niet te wild.

De maaltijden hier zijn ook weer van de categorie Haute Cuisine. Heerlijke vis in een heerlijke saus. Dat hebben de Fransen er hier wel in weten te rammen. Alleen de nacht is minder. Onder ons eigen net met de propeller ver weg hoog aan het plafond is het super warm en lastig slapen. Mijn vrouw raakt er helemaal gestoord van maar uiteindelijk vallen we toch in slaap.

DAG 14 – GRAND POPO

We maken een wandelingetje het dorp in en vinden nog een mooi T-shirt voor de collectie. Grappig om te zien is de school, een jongens- en meisjesschool, nog uit de koloniale tijd. We willen ook nog drank kopen maar worden het onderling voorlopig nog niet eens of het whisky of gin moet worden. Zonder fles verlaten we het winkeltje weer, de mensen verbaasd achterlatend. De rest van de middag luieren we op het strand en lezen een groot deel van de nog voorradige pagina’s weg. Een paar jongens willen ons nog op een tripje meenemen maar dat doen we liever morgenochtend.
Onze kamer hebben we redelijk verbouwd. Het bed recht onder de propeller, hun muskietennet eraf voor nog meer wind in de hoop op een beetje een aangenamere nacht.

DAG 15 – GRAND POPO

Thomas staat al vroeg op de uitkijk om ons vooral niet te missen als we naar het ontbijt lopen. Als dat achter de kiezen is lopen we met hem naar het naastgelegen dorp om daar in een bootje te stappen waarmee hij ons over de ‘Fleuve Mono’ rond puntert. Een felgekleurd ijsvogeltje, mannen met werpnetten en aan de overkant wat hutjes waar mensen kokosnoten aan het splijten zijn. Wat ze er mee gaan doen is niet helemaal helder, wel gebruiken ze het ook als aas om garnalen de fuik mee in te lokken. Een jongetje klimt een palm in om ook voor ons twee verfrissende kokosnoten te kappen. Iets verderop weer bizarre fetisjen; of plompe beelden of uit metalen voorwerpen samengestelde stekeligheden.
In het vrij grote dorp aan de overkant van de ‘Fleuve’ staat het helemaal vol met fetisjen. Een dik beeld zal tot leven komen en de weg versperren als er ongewenste gasten komen. En een boom met pokken zal deze ziekte aan eenieder geven die het waagt een deel van de boom als brandhout te gebruiken. In het centrum van het dorp staat een pantheon met vier beelden op een rij, allemaal met de sporen van offergaven nog aanwezig. Kinderen rennen langs als vliegtuig met zelfgemaakte molentjes. De huizen hebben allemaal een omheining van palmmatten (net de goedkope panelen van de Gamma) en bij de ingangen ook hier weer een rijtje fetisjen, net zoals in Azië de goden bij de deur staan en wij onze Maria-kapelletjes hebben.

’s Middags het strand en ’s avonds een optreden in het Fins-Afrikaans Cultureel Centrum. Een zeer goede percussiegroep treed op waarbij acrobaten en dansers halsbrekende toeren uitvoeren. Een klein meisje fungeert als slangenmens door haar benen in de nek te leggen en door een smalle koker te kruipen. Tussendoor is er een “bekende” Finse danseres die het Beninoise publiek wil verblijden met zeer softe moderne dans, type klapwiekende zwaan. Dit doet ze in doorschijnende, niets tot de verbeelding overlatende gewaden waardoor het applaus alleen komt als haar strakke broekje goed in zicht komt of haar kont door de op het podium staande vuurpotten goed uitkomt. Het is een exercitie in zelfoverschatting. Zo breng je culturen niet tot elkaar. Gelukkig is er na haar solo’s steeds weer een spetterend Afrikaans optreden waar er op het scherpst van de snede gedanst en gedrumd wordt.
In onze kamer is er even paniek als de stroom is uitgevallen en onze levensreddende propeller er stil bijhangt maar gelukkig is er na een half uur verlossing.

DAG 16 – GRAND POPO

We liggen net goed en wel op het strand als we in de verte drums en gezang horen. We herinneren ons een aankondiging van een of ander feest der schildpadden, dus we kleden ons snel weer om en gaan er op af. Het blijkt een plaatselijke ‘red de schildpad’ dag te zijn, ondersteund door internationale groepen. Twee, als grobbenbollen uit Tita Tovenaar uitgedoste wezens dansen over de weg, anderen lopen met spandoeken met daarachter de trommelaars. Bij elk huis stopt de optocht even om aandacht te vragen voor de schildpad; ‘laat de eieren liggen, eet geen schildpad’. Ook het huis van de burgemeester wordt aangedaan. We krijgen zelfs een hand van hem. De optocht eindigt in het naastgelegen dorp Heve, waar op het strand een kleine overkapping is gebouwd voor de festiviteiten rond het loslaten van kleine schildpadjes. Eerst de toespraken van de burgemeester en de lokale voodoo priester, alles gefilmd door de TV, dan het grote moment. De voodoo priester gaat op het strand in de weer met bodylotion en gin dat hij op het strand sprenkelt en werpt bananen in de zee. Dan mogen de kleintjes het ruime sop kiezen. Een of twee hebben de festiviteiten en de bezweringen helaas niet overleefd, maar de rest verdwijnt in zee.
De rest van de dag brengen we door op het strand en rond het restaurant en ’s avonds wacht ons weer de stroomuitval. Dat betekent eerst sauna voordat de propeller na een uur weer met zijn werk begint. Het is tijd dat we weer vertrekken, anders beginnen we nog te stinken.

DAG 17 – OUIDAH

We nestelen ons op de veranda van ons koloniale gebouw in afwachting van transport. Daar is weer het nodige over onderhandeld. De jongen die het geregeld heeft wil geld, een ander zegt voor de benzine gezorgd te hebben en wil ook zijn deel en de arme chauffeur met zijn auto krijgt de rest. Maar we zorgen bij hem aan het eind van de rit wel voor een aanvulling waar hij uiteindelijk ook van gaat glimlachen.
In Ouidah is het gecompliceerd in het door ons gereserveerde hotel. Eerst moeten we in een naastgelegen hotel kijken waarna ze op de proppen komen met de duurste suite van Hotel Oasis zelf, die ook nog geen 30 euro per nacht kost. We nemen hem meteen. Het is net alsof ze denken dat mensen met rugzak zonder eigen transport geen geld hebben, we moeten ook meteen voor drie nachten betalen. Laconiek overhandigen wij ‘grootverdieners’ de gevraagde flappen.
We beginnen vandaag met de exposities in het Casa do Brazil. Een mooie tentoonstelling over de invloed van de vrouw in de verschillende landen van Afrika. In een naastgelegen gebouwtje hangen van stof gemaakte voodoo afbeeldingen en er staan prachtige beelden, weer samengesteld uit allerhande resten oud ijzer, zoals brommer- en fietsonderdelen.
Na een kippetje voor de lunch wandelen we de 4 kilometer lange slavenroute op. Hier gingen ooit 10.000 slaven per jaar langs op weg naar Amerika, Cuba en Haïti. Bij het strand staat een groot monument ter herinnering aan deze donkere tijden waar slavenhandelaren en de koningen van Dahomey goede zaken deden. Op het strand is een tentje met mooie maskers en fetisj poppen en we kiezen meteen datgene dat binnenkort onze woonkamer zal sieren. Maar omdat het al laat is besluiten we nu niet te gaan staan handelen, morgen is er weer een dag. Wij blijven voorlopig steken op een bod van 30.000 terwijl de verkoper 45.000 wil voor een masker en een beeldje.
Terug in het hotel worden we aangenaam verrast door een heerlijke spaghetti met garnalen en als we daarna ook nog onze drankvoorraad weer op peil weten te brengen kunnen we morgen met goede moed aan het voodoofeest beginnen.

DAG 18 – OUIDAH

Nationale voodoo dag in Benin. We zijn al om 9.00 op het strand en kunnen zo in alle rust de zingende groepen en hoogwaardigheidsbekleders zien arriveren. We maken in de schaduw kennis met de oude monsieur Norbert waar ik maar meteen een mooie foto van maak. Katholiek maar toch maar de 4 kilometer naar het voodoo festival komen wandelen.

Tegen de middag zijn alle koningen en chiefs en bestuurders gearriveerd, allemaal gestoken in prachtige gewaden. Wij mogen schuin achter ze zitten op de eretribune en luisteren mee naar de ene na de andere toespraak. Als er geen einde aan komt wandelen we richting het strand langs de verschillende groepen die dansen en feesten en ontdekken ook het geheim van de voodoo trance; veel zuipen in de brandende zon, bij voorkeur gin. Dan wil het wel lukken.

We stellen ook ons masker (met mannenfiguur er bovenop) en de fetisj (popje behangen met kettingen en een slot) veilig, voor 35.000 CFA, ongeveer 53 euro. Als het te warm wordt rijden we terug naar de stad om te lunchen en bij te komen anders raken we zelf ook nog in trance.

’s Middags maken we een wandelingetje door Ouidah. We overwegen even een filmpje mee te pikken van het internationale filmfestival dat hier ook aan de gang is maar het is te warm. Daarbij zijn alle films, op een enkele uitzondering na, in het Frans.
In het restaurant van ons hotel is de voorjaarsmoeheid al ingetreden nu de festiviteiten bijna voorbij zijn. Met moeite weten ze nog twee maaltijden voor ons samen te stellen die een kwartier na elkaar arriveren en voor de bijbehorende drankjes zijn we een half uur in de weer om iets in ons glas te krijgen. Efficiëntie moet hier zijn hoogtijdagen nog gaan meemaken.

DAG 19 – OUIDAH

Om even euro’s te wisselen moet je hier naar de apotheek om daar het medicijn CFA te krijgen om goed de dag door te komen.
We beginnen vandaag in het historisch museum van Ouidah, het vroegere Portugese fort. Mijn vrouw glimt weer van trots als ze de Portugese escudo’s weer op hun schild ziet staan. Het museum zelf is minder, er hangen slechts vergeelde reproducties van oude litho’s en kaarten aan de muur over de slavernij, het Dahomeyse koningshuis en de voodoopraktijken.

https://youtu.be/ZETBzlffYcs
Via de markt lopen we terug. Hier vinden we nog weer twee stalletjes vol dode dieren en schedels voor de beoefenaars van de voodooriten. Voor ons zijn het gouden tijden om bizarre opnames te maken.

’s Middags willen we de slangentempel bezoeken maar daar vragen ze zoveel dat ze hun slangen fijn voor zichzelf mogen houden, wij gaan naar het heilige bos waar naast de heilige boom nu sokkels staan met moderne kunst, althans voor ons. Voor de mensen hier zijn het de verschillende voodoo godjes. Maar weer prachtig gemaakt uit resten oud ijzer.
Na het eten hebben we een lang gesprek met de twee koks van het hotel die vertellen dat ze elkaar al kennen van de koksschool in Cotonou en elkaar altijd bellen als een van de twee werk heeft en zo zij ze hier samen verzeild geraakt. Het blijken vrienden voor het leven. Het vriendinnetje van de ene kok komt nog aanschuiven voor een lekkere maaltijd. Altijd goed, een kok als vriend.

DAG 20 – COTONOU

De gisteren door ons aangesproken jongen die een taxi voor ons zou regelen naar Cotonou komt keurig om 10 uur opdraven en zo aanvaarden we rustig de laatste etappe van de reis, terug naar Hotel du Lac en haar zwembad. En voor het eerst in een week weer TV en internet. We kunnen dus alvast weer oefenen voor thuis, met ook hier een lekkere maaltijd tot besluit.

DAG 21 – COTONOU

De droom van een rustige laatste dag aan het zwembad wordt wreed verstoord als we ’s morgens het raam openen. Er is een mega operatie aan de gang waarbij de rand van het zwembad helemaal vol gezet wordt met tafels en stoelen voor een feest vanavond. Onze ligstoelen zijn verdwenen. Als alternatief bedenken we een korte wandeling de brug over en de stad in om te lunchen in Le Petit Four, een lunchroom waar je je in Europa waant.
’s Middags toch maar een sprong in het zwembad terwijl de inrichtingswerkzaamheden onverdroten door gaan. De lokale Libanezen komen er het nieuwe jaar of een aanstaande bruiloft vieren, het is niet helemaal duidelijk. Duidelijk is wel dat ze hier in Benin heel veel handeltjes beheren, net als op veel andere plekken in Afrika.
’s Avonds moeten wij voor ons afscheidsdiner vanwege de te verwachten drukte uitwijken naar de eetzaal i.p.v. ons geliefde buitenterras. We zijn er weer omringd door schimmige buitenlanders die we gemakshalve al hebben aangeduid als wapenhandelaars, want het zijn niet de toeristen die hier de hotels bevolken. En zo kunnen we tijdens het eten mooi roddelen over vermeende complottheorieën en duistere zaakjes.
We worden gratis en voor niets door het hotelbusje naar het vliegveld gebracht waar we ons vrij soepel door de formaliteiten heen werken. En die gaan steeds sneller want steeds valt de stroom uit. En waarom zou je dan nog bagage scannen en personen door detectiepoorten sturen? We kunnen ongecontroleerd doorlopen en in een donkere bar en vertrekruimte wachten op vertrek. Gelukkig vliegt ons Air France toestel niet op Afrikaanse stroom.

DAG 22 – SCHIPHOL

Waarom we zo’n hekel hebben aan Schiphol? Omdat er drie van de vier keer iets is met de trein waarmee we naar huis willen. Nu is er weer ergens een bovenleiding kapot waardoor er maar zeer beperkt treinen rijden. Via Amsterdam Centraal en de stoptrein naar Amersfoort wanen we ons weer in Afrika. Waarom zo ver reizen als het thuis net zo moeilijk kan.

Bekijk meer foto’s hier: THE STATE VISITS – TRIBES

Bekijk meer foto’s hier: THE STATE VISITS – TRIBES

Advertenties

Een gedachte over “2005/2006 BENIN

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.