1993 MEXICO, GUATEMALA & BELIZE

1993 MEXICO, GUATEMALA & BELIZE

DAG 1 – VALLADOLID

Met een taxi vangt onze reis aan. Via de trein en een af en toe hobbelend Martinair vliegtuig bereiken we Cancun in Mexico. Het lot dat bepaald of op het vliegveld de bagage doorzocht gaat worden is wonderlijk. Een soort rad van fortuin. Je drukt op de knop van een stoplicht, wordt hij groen dan mag je verder naar start, wordt hij rood dan ben je de pineut. Geboren als we zijn voor geluk is onze enige poging meteen goed voor … groen. Verscheidene heren proberen ons vervolgens in hun vervoermiddel te duwen voor de rit naar Cancun. De man met de “grootste” wint.

In Cancun hebben we mazzel en kunnen meteen met een andere bus op weg naar Valladolid, waar we ons eerste basiskamp gepland hebben. Een lange weg, omgeven door groene struiken, waar knalroze en groene huizen langzaam overgaan in rieten huisjes, brengt ons naar Valladolid. Onderweg zien we overal Indiaanse dames in witte jurken met borduursels.

In Valladolid kiezen we natuurlijk voor het sjiekste hotel want de portemonnee is nog vol. Na een kipje een poot uitgetrokken te hebben drinken we nog een nescafeetje en een Corona, om daarna onder het muskietennet te verdwijnen.

007 Valladolid

DAG 2 – RIO LAGARTOS

Voor dag en dauw zijn we wakker. Een ontbijtje bij elkaar scharrelen blijkt moeilijk als je niet actief gaat shoppen. In het restaurant waar we gisteren de “heerlijke” kip hebben gegeten eten we nu dure broodjes met koffie. Later bemerken we in een supermarktje dat we de broodjes beter zelf hadden kunnen kopen en dan ergens koffie gaan drinken.

Bij het busstation vinden we snel een bus die ons naar Tizimin brengt en daar moeten we een sprintje trekken om op de al wegrijdende bus naar Rio Lagartos te springen. Over weer een kaarsrechte weg komen we bij Rio Lagartos met zijn turkooizen rivier. Bootverhuurders wachten ons op bij de bushalte maar de vraagprijs is ons net iets te gortig in verhouding met de drang naar flamingo’s. Als we verder lopen komen we bij een flamingo-huisje en hier kunnen we, na het zien van kaarten en foto’s van dankbare ex-klanten, voor net iets minder geld toch op pad. Met vader en zoon gaan we de rivier op terwijl de zon ons in de peiling krijgt. Waar hadden we onze petten ook al weer? En was het niet verstandig lange mouwen en een lange broek te dragen?

Het water in de rivier staat soms zo laag dat we ons met stokken moeten voortduwen. We zien pelikanen, zilverreigers, aalscholvers en sterns en uiteindelijk in de verte flamingo’s. We varen nog wat verder om dan aan land te gaan. In de verte nog een rijtje flamingo’s. Het strandje waarop we lopen ligt bezaait met schilden van pijlstaartkrabben.

Als we terug gaan brandt de zon onbarmhartig op onze lijven. Een handdoek kan niet verhinderen dat wij snel de kleur van de flamingo’s aannemen.
In Rio Lagartos nemen we afscheid van de familie, die al weer op jacht gaat naar de volgende bus toeristen.

Wij nemen de bus terug naar Tizimin, kopen daar verkeerde bananen, die we gelukkig kunnen omwisselen voor goede, en dan terug met een 1e klas bus naar Valladolid. Een sluimerende zonnesteek zorgt ervoor dat onze appetijt nihil is en wij om 8 uur in bed liggen.

DAG 3 – CHICHEN ITZA

Weer zeer vroeg op. Wachten tot de supermarkt open is om dan kaas te kopen. Broodjes bij de bakker en dan rustig een kopje koffie. Omdat de bank pas om 9 uur open gaat lopen we eerst naar de San Bernadino de Sienna kerk en zien daar wat raar aangeklede poppen dienst doen als heiligenbeelden. Voor de deur is een armzalig kermisje. Om 9 uur onze eerste flappen wisselen, dan dag zeggen tegen hotel Zeci en op naar Chichen Itza. Het Maya complex is gigantisch met het imposante El Castillo als middelpunt. Een steile trap leidt naar boven vanwaar je het hele gebied kunt overzien. Naar beneden is lastiger dan naar boven. Mijn vrouw doet het via konthopping.

022 Chichen Itza

We dolen rond over het terrein langs o.a. het observatorium en de speelvelden met oer-baskets. Ik mag ook via een lange muffe trap naar het binnenste van El Castillo terwijl anderen de frisse buitenlucht prefereren. Dan nog langs muren versiert met doodskoppen, Maya taferelen en veel slangen. Met wat lekkere lychees als proviand lukt het wel.

034 Chichen Itza
030 Chichen Itza
Chac mool

Als we denken onze portie oude cultuur wel gehad te hebben pakken we de bus naar Merida. Al na een paar honderd meter moeten we weer uitstappen omdat mensen die al een kaartje bij een loket aan de weg gekocht hebben voor gaan. Dus wachten op de volgende bus. Deze komt, is in een mum van tijd stampvol en ik ben de gelukkige die de hele weg mag staan. Tot …. knal, lekke band. Volgende bus naar Merida.

053 Merida

We vinden vrij snel een goedkoop hotel. Een stuk eenvoudiger dan gisteren maar o.k. We lopen de stad in en gaan lekker eten bij restaurant Express. Lekker. Alleen is de ober onaangenaam verrast als hij niet de 10% fooi krijgt. Maar wij vonden het eten eigenlijk al duur genoeg. Een stukje verder in het park worden serenades gebracht. Een allemaal netjes in het witte pak gestoken orkestje speelt, drie bejaarde gitaristen tokkelen oude wijsjes en een volksdansgroep draagt het gebraden varken rond.
In een prachtig Grand Café drinken we nog een biertje onder het genot van de klanken van de organist zonder naam, die even later wordt afgelost door een trio. Voor ons doet een Mexicaanse Don Juan verwoede pogingen om volgens aloude tradities een dame het hof te maken.

DAG 4 – MERIDA

Als we ons ontbijt bij elkaar gescharreld hebben gaan we dat op de zocallo lekker verorberen. Daarna aanschouwen wij de gebouwen rond het plein waaronder de kerk met de op twee na grootste Jezus, tsjonge, tsjonge. Een pastoor blijft maar uit allerlei kelken drinken en een oude biechtvader geeft de pijp aan Maarten, vier met zonden beladen vrouwtjes verontwaardigd achterlatend.

Om 12 uur krijgt mijn vrouw het lumineuze idee; waarom niet naar het strand? 2 uur later liggen we te zonnen in Progresso. Het zeewater is warm en de zeevogels zorgen voor het bijpassende amusement. Na een dagje strand willen we ergens eten voor weinig geld. Bij het eerste restaurant blijkt na een half uur dat het door ons bestelde niet voorradig is en bij de tweede krijgen we koude kip met betonrijst. Maar … voor weinig geld lukt wel.

Terug in Merida wordt er bij een kerk in file getrouwd, denken wij. Maar eens van dichtbij kijken. Alle familieleden gaan om de beurt met het bruidje op de foto, maar waar is de bruidegom? We besluiten het maar eens te vragen en worden hartelijk uitgelachen. Het “bruidje” blijkt slechts een meisje te zijn dat net 15 is geworden. Dat is blijkbaar iets zeer speciaals.

In de universiteit zien we nog het slot van een optreden van een volksdansgroep die stampen en met touwen slaan als specialiteit hebben. Wij besluiten de avond met een tequila.

DAG 5 – CAMPECHE

Op tijd uit bed, broodjes voor onderweg, water in de tas, maar helaas, de bus naar Palenque blijkt al weg. Tien uur vertrek, dacht ik in de reisbijbel te hebben gelezen. Dat klopt ook wel maar dan des avonds. Toch kan Merida ons niet langer bekoren en we besluiten om dan maar een bus naar Campeche te nemen. Dat is in ieder geval al een eind in de goede richting. Aangekomen in Campeche blijkt op het busstation aldaar dat er toch een bus rond middernacht de zes uur durende tocht naar Palenque gaat ondernemen. Daarom stallen we onze rugzakken en besluiten tot verpozing aan het strand. Door tegenstrijdige informatie over al dan niet schone stranden eindigen we besluiteloos in het oude centrum van Campeche. We lezen de passage over de stranden nog eens goed door en vinden dan toch nuttige strandinfo. Het is ondertussen al drie uur maar we besluiten het er toch maar op te wagen.

055 Campeche

De meest gammele bus tot nu toe, met op en top airco van frisse zeewind, brengt ons naar Playa Bonito, waar het “bonito” enigszins overdreven is. Na 2 uur met dezelfde gammele bus terug om uit te komen waar we vertrokken. Een aardige manier om de tijd te verdrijven.
Het tijd verdrijven wordt even onderbroken voor het honger verdrijven, gepaneerde schnitzels. Daarna zitten we op het plein van Campeche, in de kerk van Campeche, en op het busstation van Campeche. Om 0.30 zetten we dan koers naar Palenque.

063 Campeche

DAG 6 – PALENQUE

Het slapen in de bus lukt wonderwel en voor we het goed beseffen zijn we in Palenque. Met de reisgids in de aanslag schuimen we de straten af op zoek naar de goedkoopste hotels. Het goedkoopste hotel blijkt een verbouwd varkenskot te zijn (wel schoon). We besluiten dan maar dat we toch tot een iets hogere toeristenklasse behoren en kiezen uiteindelijk voor hotel Santa Elena. Een prachtig hotel, bij wijze van spreken.

064 Palenque
069 Palenque

Na een verkwikkende douche gaan we met een busje naar de ruines in het oerwoud. We zijn lekker vroeg dus is het nog niet erg druk. Opnieuw zien we prachtige bouwwerken waarvan het een raadsel is hoe de Maya’s ze in elkaar geknutseld hebben. Door de ligging in het oerwoud hangt er een heel andere sfeer dan in Chicken Itza. Omdat het zondag is, is de entree gratis. Bij de ingang in wit geklede indianen die pijlen en bogen verkopen.

’s Middags houden we een siësta in het park en daarna maken we een ommetje langs de aan het oog onttrokken gedeelten van de stad. We horen prachtig gezang. In een of andere baptistenkerk blijken indianen aan het zingen. Verder veel kippen, varkens en kalkoenen. In de stad zelf verkopen de indianen allerlei waren. Wij kopen 2 vliegen gevat in amber, althans dat wil de verkoper ons doen geloven. Als we maar door blijven vragen over hoe het nou toch mogelijk is dat de vlieg in de steen komt begint de verkoper steeds harder te zweten. Maar de man bezweert met de hand op het hart dat het geen plastic imitatie is maar echte amber uit de grotten van zijn geboorteplaats.
We eten bij restaurant “zonnebloemen” een heerlijk dagmenu, dat zo goedkoop is dat een dure tequila er ook nog af kan. Een eerste plensbui zorgt voor welkome afkoeling.

DAG 7 – SAN CRISTOBAL DE LAS CASAS

Ook het ontbijtje bij “zonnebloemen” blijkt lekker en goedkoop. Na het ontbijt stappen we op de bus naar San Cristobal de las Casas. Het ziet er even naar uit dat we de 5 uur door de bergen moeten staan maar het blijkt mee te vallen. Na een uurtje kunnen we zitten en kunnen we volop gaan “genieten” van een slalom hoog door de bergen met zeer verre vergezichten.

Bij het zoeken naar een hotel lopen we een aantal keren heen en weer tussen een leuke dure en een gevangenisachtige goedkope. Maar hoorden we niet sinds kort in een wat hogere toeristen-klasse? Het duurdere hotel dus. Voor ons geld krijgen we een kamer met knalroze en groene muren maar het is net niet exclusief genoeg om hout in de open haard te hebben.

In het prachtige stadje bekijken we rijk gedecoreerde kerken en lopen onze ogen uit te kijken op de indianenmarkt op het kloosterplein. Het te koop aangeboden handwerk is echter prijzig. Met de camera in de aanslag gaan we op jacht naar kindertjes, wat veel geduld vraagt. Na de jacht begint de maag te knorren.

Om aan de eeuwige lap vlees met friet te ontkomen bestellen we uiensoep en spaghetti Bolognese, verrukkelijk. De te slappe koffie laten we omwisselen voor een straffere bak. In restaurant / café El Circo drinken we nog een glaasje tequila, met zout en limoen, terwijl een muziekgroepje zorgt voor de couleur local.

Hierna is het wel gebeurd met het leven hier in San Cristobal de las Casas. Dus kruipen we diep onder de dekens want we zitten boven de 2000 meter, dus het is redelijk frisjes.

DAG 8 – SAN CRISTOBAL DE LAS CASAS

Na een Frans ontbijtje met croissant beleven we een hachelijk moment met onze American Expres Cheque. Door mijn overvloedige okselzweet is de cheque een beetje bevlekt geraakt en een vies kijkende juf in de bank weigert hem te accepteren. Niet zonder moeite lukt het in een tweede bank wel, net iets minder smetvrees. Al met al het nodige oponthoud voor we aan onze toeristische dagtaak kunnen beginnen.

Eerst naar indianendorp 1, Chamula, waar fotograferen absoluut verboden is en het katholicisme met succes buiten de deur gehouden is. Om in de kerk te mogen moeten we eerst in het gemeentehuis kaartjes kopen. Maar voor dat kaartje ontrolt er zich een schouwspel voor onze ogen dat niet te geloven is. Stro op de grond, geen kerkbanken, grote draperieën aan het plafond en langs de muur allemaal glazen kasten met beelden van heiligen, allemaal met een spiegeltje om de hals. Op de vloer zitten groepen indianen luid te bidden. Elke keer plakken ze kaarsen met kaarsvet vast op de vloer om dan erboven bezweringen uit te voeren. Met eieren, flesjes Pepsi of Fanta, of met een kip die boven de kaarsjes de nek wordt omgedraaid.

Na deze krankzinnige kerk moeten we even bijkomen op een terras waar ik een zonde bega door stiekem een foto te schieten. Mijn vrouw laat zich verleiden door twee meisjes die haar vlechtwerkjes in het haar willen aanbrengen. Veel te duur, maar wel inclusief foto.
We zien nog het halve dorp naar school gaan voor de Spaanse les en daarna nemen we de combi terug naar San Cristobal, want door de bergen lopen naar het volgende dorp wordt ons uit veiligheidsoverwegingen afgeraden.

We pakken meteen de volgende combi naar Zincatan, indianendorp nummer 2. Onderweg ontmoet ik Mexicaanse collegae uit het acteerwezen, maar die zijn al redelijk beschonken, dus veel vakoverleg vindt er niet plaats.
In het dorp is de klederdracht roze. En weer een verbod op het maken van foto’s. We lopen wat rond door het dorpje en bekijken een kerk waarvan gezegd wordt dat hij katholiek is maar aan de manier waarop hij gebruikt wordt zou je dat niet zeggen. Een man languit op de vloer aan het bidden, stenen beesten onder de kaarsenbak en naast de kerk een hok waar weer allerlei rare rituelen gehouden worden. De mannen zijn bezig velours en kleden aan te brengen, waarschijnlijk voor een feest. De drank gaat rond. De positie van de mannen in de groep is trouwens af te lezen aan het aantal kwasten en linten aan hun hoofddoek.

Hierna bezoeken we een museum waar we onze theatervrienden weer treffen. Een man geeft ons uitleg over de klederdrachten, gebruiksvoorwerpen en de sauna. Daarna luisteren we naar het gejammer van een inheemse viool die door een van de acteurs bespeeld wordt terwijl de ander wat babbelt en reciteert. Een derde gaat met de drank rond. Een antropoloog met zijn familie komt binnen om nog wat extra inventaris te brengen. Maar helaas moeten wij er vandoor zodat we de verdere ontwikkelingen missen.

Buiten begint het te plenzen. Terug in San Cristobal kopen we alvast kaartjes voor morgen naar de grens. Voor de verandering eten we weer eens kip. Natuurlijk tequila na.

DAG 9 – GRENS GUATEMALA

Na de croissant nemen we de bus naar de grens. Achter ons kunnen we de gesprekken van Italianen volgen die over niets anders dan hun eetgewoontes praten.
Aan de grens wacht ons een onaangename verrassing. Mijn vrouw mag met haar Portugese paspoort niet zonder visum Guatemala binnen. Dit levert de brenger van het onaangename nieuws een stortvloed van scheldwoorden en vloeken op, maar deze wordt er niet koud of warm van. We moeten terug door de bergen in een gammele bus, de hele 86 kilometer naar Comitan. Het schelden gaat in de bus gewoon door.
Gelukkig vinden we na een lange rit het consulaat snel. Het ambtenaartje is behulpzaam en met een goede bus sjezen we terug naar de grens waar mijn vrouw zich uitput in verontschuldigingen voor haar gevloek en getier tegen de douane in de hoop er nu wel over te mogen.

Samen met twee Duitsers, die ook zo laat bij de grens aankwamen, zoeken we een hotel. Wat we vinden is spotgoedkoop maar dan ook wel extreem Spartaans. Verderop eten we een hapje en horen van de Duitsers dat reizen ook heel anders kan. Waarom al die voorzorgsmaatregelen? Die pillen en vaccinaties, een zware reisgids, gewoon op de bonnefooi kan toch ook? Kijk naar het leuke hotel dat we zomaar aan de grens tegenkwamen.

Ons hotel blijkt een bordeel, waar het de hele nacht een komen en gaan van klanten is. Van een mannetje in het hotel krijgen we het verzoek om het licht in onze kamer uit te doen want “licht aan” betekent “dame vrij”. Voor de zekerheid gaat hij toch maar op een stretcher voor onze deur liggen.
Op de muren van onze kamer kunnen we nog een wondertje der natuur aanschouwen. Kakkerlakken die vervellen. Sneeuwwit kruipen ze uit hun omhulsel. Waar ze na het vervellen blijven is ons niet bekend hoewel we wel een idee hebben.

091 Grens Guatemala

DAG 10 – SANTIAGO ATTILAN

Naast in handdoeken gehulde dames van lichte zeden wassen we ons ’s morgens om zes uur bij de regenton. Om zeven uur vertrekt de bus naar Panajachel. Zes uur rijden, gelukkig in een goede bus.

In plaats van pesos hebben we in Guatemala quezals nodig. Dus wisselen we in een zwaar bewaakte bank met militairen met karabijnen ervoor onze eerste travellercheques en ontvangen daarvoor een groot pak flappen. Heel wat meer dan we aan de grens voor ons restje pesos kregen.

Met een gammele schoolbus (oude Amerikaanse Bluebirds) als haringen in een ton naar Panajachel. Daar aangekomen nemen we na een uurtje de boot naar de andere kant van Lago Attilan, Santiago Attilan. Een echt indianendorp waar we helaas de feria weer missen.

Het hotel uit de reisgids blijkt niets dus kiezen we een duurder hotel (50 quazal, dat is ongeveer 20 gulden) waar we een balkon hebben mét uitzicht op drie zeer nabije vulkanen.

Uit keuzegebrek eten we weer eens kip met frites. Na het eten nemen we een kijkje op de kermis waar er bingo gespeeld wordt met plaatjes. Als het donker wordt gaan we maar weer terug naar het hotel want de gastvrijheid straalt hier niet echt van de mensen af, wat hebben we ook te zoeken op hun kermis.

106 Santiago Atitlan
110 Santiago Atitlan

DAG 11 – SANTIAGO ATTILAN

We hoeven vandaag niet te reizen maar toch zijn we vroeg uit de veren. We ontbijten in ons hotel. Ik neem een broodje geitenkaas en mijn vrouw een broodje kippenvel.
Het is marktdag in Santiago Attilan en dat betekent prijsschieten met de camera, op de volledig in traditionele kleding gestoken indiaanse bevolking. Leuk hier is dat ook de mannen traditioneel gekleed gaan.

097 Santiago Atitlan
102 Santiago Atitlan
104 Santiago Atitlan
105 Santiago Atitlan

Om 12 uur nemen we de boot naar het verderop aan het meer gelegen San Pedro waar we bij een school veel bekijks hebben bij het wisselen van een fotorolletje.
Terug in Santiago Attilan doen we een geweldige ontdekking. Ons hotel blijkt een dakterras te hebben waar er door de vermoeide reiziger heerlijk gezonnebaad kan worden. Met een Gallo pilsje binnen handbereik een ongekend genot. Helaas is het genieten van korte duur want een uur later pakken zich donkere wolken boven ons samen die ons nopen om naar binnen te vluchten. Op de kamer doen we onze plicht door wat ansichtkaartjes te schrijven.

We eten bij Santa Rita, een restaurantje dat gisteren gesloten was. Mevrouw de bazin moet helaas weg dus ons eten moet snel snel, maar toch is het heerlijk. Tijd voor een toetje krijgen we van haar niet meer dus noodgedwongen koffie en warme chocola in het hotel. Maar we vinden er wel een krant dus even later weten we dat Indurain de Tour de France gewonnen heeft, Israël weer op oorlogspad is en dat er in Guatemala nog heel wat afgemoord wordt. En er schijnt een vulkaan in de buurt van Guatemala City aan het sputteren te zijn.

125 Antigua
129 Antigua

DAG 12 – ANTIGUA

Om 7 uur zeggen we Santiago Attilan vaarwel en varen naar Panajachel waar we een chique ontbijt nuttigen. Daarna nemen we de bus naar Chimaltenango. Onderweg passeren we vele politieposten en een bus in het ravijn, altijd weer een opsteker. We stappen over op de bus naar Antiqua, waar we bijna aan de buitenkant moeten hangen.

In Antiqua slaan we ons kampement op in Posada Lavendor, om daarna de stad te doorkruisen. We bekijken weer vele kerken. Verder ruïnes van een aardbeving met een onderaardse Jezus, oude schilderijen van anonieme kunstenaars en een bruiloft. We eten pizza de familia en mengen ons daarna in de massa. Marimba orkestjes spelen, een man met vuurwerk op zijn rug holt tussen het publiek door en ander vuurwerk wordt in een zeer laag tempo afgestoken.

Voor het slapen gaan nog een tequilaatje in Latino’s Bar waar een erbarmelijk slecht bandje probeert iets te produceren wat voor muziek moet doorgaan.

122 Antigua
120 Antigua
117 Antigua

DAG 13 – LIVINGSTONE

Na een heerlijk ontbijt in een (Colombiaanse?) broodjeszaak pakken we de bus naar Guata, Guatemala City. Daar hebben we nog 2 uur de tijd voordat de Liteguabus vertrekt en dus verkennen we kort de stad. Op de Plaza Mayor trekt ons een ellenlange stoet padvinders in fantasie uniformpjes voorbij.

135 Guatemala City
133 Guatemala City

Ter bescherming kopen we bij een kerk een mooi Maria portretje en dan gaan we met de bus verder. 5 uur hard rijden, met wederom uitzicht op een bus in een ravijn.

In Puerto Barrios haasten we ons via een taxi naar de haven, waar we nog net de laatste lancha halen. Een spectaculair half uurtje op de boot waar we flink nat worden van het opspattende water brengt ons langs een palmenkust bij ondergaande zon in Livingston. Zoals in onze reisgids al wordt voorspeld pakken we het eerste de beste hotel, die is namelijk prima.

Livingstone is een creoolse enclave waar de inwoners zelf de indruk wekken dat ze het liefst een deel van Jamaica waren geweest. Overal reggae en dreadlocks. Doordat Livingstone alleen over het water te bereiken is heeft de plaats een vreemde sfeer gekregen, niet direct te omschrijven.

We eten een mager visje en zitten nog wat “on the dock of the bay, waistin’ time” in de Caribische wind terwijl de zwarte dorpsschonen samenscholen bij een boot.
Als we in bed liggen klettert er een geweldige tropische plensbui op het dak.

144 Livingstone
143 Livingstone
141 Livingstone

DAG 14 – LIVINGSTONE

Na het ontbijt krijgen we zoveel verschillende aanbiedingen van bootbezitters om ergens naar toe te varen, met of zonder andere toeristen, korte of lange trips, dat we er tureluurs van worden en ten einde raad het dorp uitvluchten op zoek naar een rustig strand. Al lopend blijkt Livingstone toch aanzienlijk groter dan gedacht. We lopen langs de school, het kerkhof en de palmhutjes en zien kleine strandjes aan de zijweggetjes maar ze zijn allemaal zwart en smerig. Als we ergens aan het einde van de weg een colaatje drinken bij een oude tante krijgen we het advies om maar niet al te ver alleen verder te lopen dus maar weer terug. Dan toch maar een bootje naar een strand, samen met twee Spanjolen. Het strand is een dun streepje zand en het water reikt niet verder dan tot aan je middel maar toch is het lekker zo midden in de rimboe.
Cheques wisselen in Livingstone blijkt ook uitermate eenvoudig. Na 100 dollar omgezet te hebben in contanten gaan we maar lekker duur uit eten. Visfilet met knoflook.

161 Poptun

DAG 15 – POPTÚN

`s Nachts krijgt mijn vrouw last van rare plasaanvallen, om de vijf minuten moet ze naar het toilet terwijl ze toch nog wat te jong lijkt voor incontinentie. Omdat we het niet helemaal vertrouwen besluiten we naar een dokter te gaan. En er blijkt zowaar een dokter in Livingstone te zijn. Bij binnenkomst krijg je eerst een nummer en mag je voor 0.25 centavos je naam op een papiertje laten schrijven. Bij station nummer 2 mag je vervolgens temperaturen en je bloeddruk laten meten om dan, na een uur, de dokter zelf te aanschouwen. Deze man gelooft elk woord wat mijn vrouw hem verteld over haar eigen diagnose, de infecties ed. en schrijft dus antibiotica voor op advies van de patiënt. We halen de pillen bij een farmacie en gaan dan op zoek naar de mogelijkheden om uit Livingstone te vertrekken. En wat wil het toeval; de man die ons al naar Livingstone bracht vaart nu naar Rio Dulce Bridge waar we een bus kunnen pakken. Even is er ruzie met een andere schipper die beweert onze namen op zijn lijst te hebben staan, maar ja, dat kan ook niet anders als je tien keer per dag gevraagd wordt je naam op zo een lijst te zetten als mogelijk passagier.

De bootreis is lang en voert ons over de prachtige Rio Dulce langs heetwaterbronnen die onder water borrelen en vogelkolonies op de wal. Na een uurtje nemen we de bus naar Poptún. De rit met deze bus overtreft met gemak je ergste nachtmerrie. Het eerste deel van de weg is ontzettend slecht maar door de graafmachines en walsen die langs de kant staan denk ik dat ze met dat gedeelte aan het werk zijn. Maar waarschijnlijk zijn ze nog niet eens begonnen want de hele rit naar Poptún, dwars door de jungle van Guatemala, gaat over een zandweg vol gaten en dikke keien. We hebben een plek achter in de bus en worden om de haverklap gelanceerd. Mijn vrouw ziet het helemaal niet meer zitten en wil de bus uit maar na een conclaaf met de buschauffeur mogen we voorin zitten wat een verschil van dag en nacht blijkt. Nadeel hiervan is weer dat je ziet dat de bruggen over ravijnen bestaan uit twee halve boomstammen.

Na deze Camel-Trophy ervaring arriveren we in Poptún waar alles voorhanden blijkt behalve geasfalteerde straten. Het hotel is o.k., het restaurant is o.k. en de winkels goed gevuld. Alleen mijn vrouw is nog niet echt o.k.

DAG 16 – FLORES

We gaan nog een keer op zoek naar een dokter. Deze dokter is meer een dokter naar mijn vrouw’s hart. Gul met pillen en injecties die zullen kalmeren en reguleren en zo niet, dan toch in ieder geval om te experimenteren. mijn vrouw voelt zich meteen een stuk beter en dus gaan we maar in de hoofdstraat zitten wachten op de bus die om 1 uur moet komen, om 2 uur, om 4 uur?

Om zes uur komt er een andere bus. Wederom hopsen we door het oerwoud. Ditmaal in het donker. Onderweg paspoortcontrole door nerveuze jonge militairen met hun vinger om de trekker gekromd. Benen gespreid en handen tegen de bus voor het fouilleren van even nerveuze buspassagiers.

183 Flores

Mijn vrouw heeft voor vandaag al een hotel op het oog. Door de naam “Don Quichotte” hadden er al alarmbelletjes moeten gaan rinkelen. Laat ik vanuit de taxi het hotel ook nog meteen zien. Don Quichotte zou “de grot” moeten heten. Er is geen water maar ons wordt verzekerd dat dit ná twaalf uur rijkelijk zal gaan stromen. Ook geen lakens en handdoeken en de wastafel valt bijna van de muur, slechts een ijzerdraadje voorkomt dit nog. Voorlopig geen andere keus dan ons te wassen bij de Chinees, een deur verder. Waarom heeft die trouwens wel water? We eten er een heerlijke nasi.

DAG 17 – TIKAL

Om halfzeven in de ochtend is er nog steeds geen water en mijn vrouw besluit dat de hel gaat losbarsten in dit hotel met zijn “private bath” voor 40 quezals. We eisen ons geld terug en door mijn vrouw’s ongekende volume op dit vroege uur lukt dat uiteindelijk beneden, bij de baas. Voor achten zitten we even verderop al in een ander hotel en om 8 uur precies zitten we keurig in de minibus op weg naar Tikal. Tikal maakt alle ontberingen om er te komen meer dan de moeite waard. Gigantische Maya bouwwerken midden in de jungle waar je uren kunt ronddolen.

171 Tikal

Naast historisch verantwoorde plekken doet ook de natuur een duit in het zakje. We menen het volgende te hebben waargenomen: Toekans, zwart met gele borst en een kingsize snavel, een “roodkuif” specht, type Woody, apen die met bessen naar ons gooien, een bidsprinkhaan met oranje binnenvleugel, een boom met bungelende nesten en een “mountain dog” op de ruïne. Halverwege de dag dendert er een plenzende stortbui over ons heen maar het blijft warm.

Op de weg terug verdrijven we de tijd met Toekan’s tellen. Halverwege wordt de chauffeur van ons minibusje door zijn baas ingehaald en achter het stuur weggehaald want hij zou gedronken hebben.

In Santa Helena gaat mijn vrouw nog een keer met de billen bloot om er twee spuiten in te laten duwen zodat we daarna zonder zorgen naar de chinees kunnen.

167 Tikal
166 Tikal

DAG 18 – CAYE CAULKNER

Om 8 uur pakken we de bus van Flores naar de grens. Onderweg schieten we plaatjes van mooie hutjes.

Enigszins nerveus door eerdere ervaringen naderen we de grens maar hier is het een fluitje van een cent. Een stempeltje en klaar is Kees. We wisselen onze quazals voor Belizian dollars en in een grote Amerikaanse slee glijden we naar het busstation voor de tweede etappe. Er staan al weer een Blue Bird voor ons klaar. Het is een lange reis naar Belize City met vele stops en vele krijsende kinderkelen. Bij aankomst worden we bijna uit de bus gesleurd door taxichauffeurs op zoek naar een vrachtje. We wisselen nog een cheque en gaan dan naar de haven. We besluiten om voor het eilandje Caye Caulkner te kiezen. Met op het laatst één defecte motor bereiken we toch ons tropische eiland. We huren er een cabana op palen en verwennen ons zelf daarna met pasta met kreeft en een Cuba Libre. En als uitzicht de Caribische zee met daarboven een flonkerende sterrenhemel.
En wie komen we tegen? Onze Duitse vrienden uit het bordeel. Nog steeds in leven.

DAG 19 – CAYE CAULKNER

We doen ons tegoed aan een stevig ontbijt en dan op naar de visjes. Vannacht heeft het weer flink gespookt. We dachten even met cabana en al weg te waaien maar nu lijkt de kust veilig.

200 Caye Caulker

Leroy, oud, pikzwart, muntje in zijn oor en een fles rum bij de hand, wordt onze kapitein vandaag. Er zijn nog meer passagiers nodig voor hij wil uitvaren. Na twee uur willen er twee Amerikanen mee. Met Leroy’s zeilboot varen we de woelige baren op. Leroy wil kennelijk relaxen want hij haalt zijn wiet tevoorschijn, scheurt een stuk van een bruine boterhamzak en rolt een dikke joint. Wij laten de joint passeren want anders zijn we straks net zo stoned als de garnalen die we misschien nog gaan zien. De Amerikanen nemen wel een flinke hijs en al gauw ligt het meisje op apegapen. Het weer wordt slecht en het blijkt dat je dan beter in het warme water kunt gaan snorkelen dan in de koude regen nat worden op de boot.

Onder water is het prachtig en mijn vrouw slaagt er eindelijk in om door een snorkel te ademen (wat een lange verslaving zal betekenen). De hele Caribische kleurenpracht ontvouwt zich onder water voor ons. De mooiste vissen, barracuda’s en een rog (later op de dag zien we van de pier nog een gigantisch exemplaar). Maar haaien laten zich niet zien. De Amerikanen zien er wel een maar die hebben hun blik ook verruimd.

Na de tocht eten we weer iets met kreeft, drinken een lekkere Cuba Libre met de Duitsers en zitten daarna een tijdje bij de feesttent waar een reggaeband speelt. Maar niemand gaat naar binnen. De entree is waarschijnlijk te hoog. Het hele dorp staat buiten de poort te drinken.

DAG 20 – CAYE CAULKNER

Het weer is goed dus besluiten we er nog een eilanddagje aan vast te knopen. Na uren op twee broodjes gewacht te hebben gaan we opnieuw een dagje snorkelen, ditmaal gecombineerd met een bezoekje aan Cape Chappel, een ander eilandje. Op Cape Chappel is een lang zandstrand dus mijn vrouw gaat voor een bak-kuur na al het inspannende gesnorkel. Mijn lelieblanke huidje vraagt om de nodige voorzichtigheid maar ik neem toch snel de kleur aan van de kreeften die hier zoveel op het menu staan.
Terug op Caye Caulkner wordt het me even zwart voor de ogen, maar na een aspirine en een dutje gaat het wel weer.

Alle tuintjes hebben hier een hekje van reuzenschelpen en in het haventje liggen er ook genoeg op de vuilnishoop, daar willen we er een van als souvenir. Het is nog behoorlijk borstelen om alle olieresten er af te krijgen. Dan is het inpakken geblazen want morgen bliept om zes uur de wekker.

DAG 21 – TULUM

Zeer vroeg varen we richting Belize City, samen met Franstalige Belgen die we de laatste week overal al zijn tegengekomen. Vandaag reizen we samen. Eerst naar het Mexicaanse consulaat omdat ik gelezen heb dat het beter is om daar je toeristenkaart te halen, daarna de propvolle bus naar Chetumal. Aan de grens blijkt dat je ook hier je toeristenkaart kunt krijgen maar we zijn blij dat we niet voor een tweede keer zonder de juiste papieren bij een grens staan. Dan met een taxi op pesojacht in Chetumal. Een moeilijke opgaaf want alle banken zijn dicht. Alleen bij een oude sjacheraar in een obscuur zaakje dat Hassan’s Medina heet lukt het.

Terug bij het busstation zijn er alleen nog maar staanplaatsen naar Tulum. Maar op een verhoging achter in de bus kunnen we toch nog enigszins zitten.
In Tulum zijn de Belgen ineens verdwenen. Wij gaan met een taxi op zoek naar een onderkomen voor de nacht, een cabana aan het strand. Don Armando zit vol, Santa Fe zit vol. Dan maar proberen bij El Crucero, ook vol. Acuario zit niet vol maar kost ook 110.000 pesos. We hebben weinig keus. Het geld schijnt vandaag toch al veel vrijheidsdrang te hebben.

DAG 22 – TULUM

We ontbijten natuurlijk niet in ons dure hotel maar aan de overkant bij El Crucero waar we ook een nieuw onderkomen voor de komende nacht willen regelen. Het lukt voor 40.000 per nacht.

Na gedane zaken lopen we naar de Maya ruines van Tulum. Deze zijn het minst spectaculair van de serie hoewel ze prachtig aan zee liggen, boven op de rotsen. Tussen de stenen wemelt het er van joekels van leguanen, dat kost weer een filmrolletje.

218 Tulum

Na de cultuur wacht het strand met palm. Helaas bederven wolken al snel de strakblauwe lucht. Als we aan het eind van de middag een pilsje gaan drinken worden vlakbij twee dames beroofd door twee heren met messen. Daarom lopen we spiedend terug naar het hotel. `s Avonds dineren we langdurig want verder is er niets te doen.

DAG 23 – TULUM

In verband met liquiditeitsproblemen moeten we het ontbijt vanmorgen uit de supermarkt halen, ook lekker.
Met de dochter van de restauranthouder rijden we mee naar Tulum waar we onze laatste kaarten op de post doen. We lopen de twee kilometer terug en proberen daarvan de rest van de dag bij te komen op het strand. We lezen onze boeken uit, nuttigen een kokosnoot en nemen af en toe een duik. Snorkelend zie je weinig hoewel ik toch een joekel van een vis voorbij zie flitsen.

DAG 24 – SCHIPHOL

Vroeg naar bed, dus ook vroeg uit de veren. Bij de cabana’s op het strand ontbijten we. Spijtig dat het ons niet gelukt is om hier onderdak te vinden want het ziet er erg gezellig uit. Na een super tonijnsandwich pakken we ons laatste stukje zand en zee en daarna is het inpakken en wegwezen.

De bus rijdt voorbij de afslag naar het vliegveld maar gelukkig krijgen we even later een onverwachte lift naar Aeroporto de Cancun. We ruilen onze laatste dollars om voor tequila en mescal en slepen bij het inchecken zowaar een smoking en een window in de wacht.
Ondanks vrijdag de dertiende komen we veilig aan op Schiphol, maar thuis blijkt wel onze telefoon afgesloten.

Meer foto’s op onze blog WORLD HERITAGE SITES – MEXICO

Meer foto’s op onze blog WORLD HERITAGE SITES – GUATEMALA

Meer foto’s op onze blog TRIBES – GUATEMALA

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.